Gratis inloop.

Gratis eerste beoordeling.
Bel ons:
0172 - 601 707
Rechtsgebieden
Uittenbogaart Advocatuur treedt op voor bedrijven en particulieren. Staat uw onderwerp hieronder niet genoemd? Neemt u dan contact op om te zien of Uittenbogaart Advocatuur u wellicht toch van dienst kan zijn.
Bedrijven
Voorkom een faillissement
Algemene voorwaarden zijn zowel voor grote als voor kleine bedrijven van groot belang. Goede algemene voorwaarden kunnen namelijk het verschil maken tussen succes en faillissement. Een investering in goede algemene voorwaarden betaalt zich ook altijd terug want als er maar één keer een procedure mee kan worden voorkomen of gewonnen, is er sprake van een return on investment.

Per branche verschillend
Het komt regelmatig voor dat bedrijven een willekeurige set algemene voorwaarden van internet gebruiken. Dit is echter niet aan te raden omdat in verschillende branches verschillende bepalingen van belang zijn. Zo zal een autogarage weinig hebben aan bepalingen voor het retour zenden van producten uit een webshop (tenzij de garage zelf ook een webshop heeft) en zo zal een webshop weinig hebben aan bepalingen over schade aan voertuigen. Zo heeft de financiële sector weer behoefte aan bepalingen over de eigendom van dossiers van cliënten, opschortingsrechten, verrekeningsbepalingen en privacyreglementen. Grossiers hebben weer belang bij zowel inkoop- als verkoopvoorwaarden.

Pas op bij consumenten
Indien een bedrijf handelt met consumenten zijn er verschillende wettelijke regels van toepassing. Zo zijn er grenzen aan de bepalingen die in algemene voorwaarden kunnen worden opgenomen. De bepalingen die deze wettelijke grenzen overschrijden zijn dan nietig of vernietigbaar. Daarnaast dienen consumenten op een extra zorgvuldige wijze over de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden te worden geïnformeerd, anders zijn de voorwaarden niet geldig.

Rechtskeuze
Indien partijen geen, of slechte, algemene voorwaarden hebben gebruikt, bestaat het risico dat (bijvoorbeeld) een Italiaanse rechter bevoegd is in de rechtszaak en dat deze rechter (bijvoorbeeld) Duits recht zal moeten toepassen. Dit is zeer ongelukkig aangezien de uitkomst van een dergelijke procedure niet is in te schatten. Daarnaast is een dergelijke procedure zeer kostbaar in verband met reiskosten, de noodzaak van tolken en het vertalen van processtukken en Internationale “legal opinions” waarin Duitse rechtsgeleerden de Italiaanse rechter moeten uitleggen hoe het Duitse recht werkt. Dit is niet aan te raden dus zorg voor goede algemene voorwaarden.
Uittenbogaart Advocatuur heeft een speciale incassoservice voor bedrijven met lastig te incasseren vorderingen.

Allereerst wordt de vordering juridisch beoordeeld. Zo zal er worden gekeken naar de eventuele contracten tussen partijen en de correspondentie en of de vordering door de wederpartij wordt betwist en op welke gronden.

Indien de vordering juridisch vast staat, zullen de verhaalsmogelijkheden en de belangen van de wederpartij worden onderzocht. Indien de wederpartij verhaal biedt voor de vordering kan de incasso worden gestart. Indien de wederpartij geen verhaal biedt maar wel andere belangen heeft (zoals het voorkomen van een faillissement) kan de incasso ook worden gestart.

Voorafgaand aan de start van het incassotraject kan er een resultaatafhankelijk tarief worden overeengekomen. Dit betekent dat het honorarium van Uittenbogaart Advocatuur beperkt blijft indien de incasso niet slaagt. Zo bestaat niet het risico dat men teveel betaalt voor niets.
Aandeelhouders en andere geldschieters verstrekken nog te vaak leningen met behulp van een geldleningsovereenkomst op de achterzijde van een bierviltje. Dit brengt echter onnodige risico’s met zich mee die gemakkelijk zijn te voorkomen.

Als een verstrekte lening niet wordt terugbetaald en de schuldenaar zich niet houdt aan betalingsafspraken en als de schuldenaar uiteindelijk zelfs niet meer bereikbaar is, zal er vaak geprocedeerd moeten worden om het geld terug te krijgen. Dit is echter niet nodig. De geldleningsovereenkomst kan namelijk ook zodanig worden overeengekomen dat de overeenkomst direct naar een deurwaarder kan worden gezonden en deze direct beslag kan leggen op de bankrekeningen en bezittingen van de schuldenaar zodat de lening kan worden afgelost. Dit scheelt aanzienlijk in de proceskosten.

Daarnaast kunnen er met de schuldenaar afspraken worden gemaakt over zekerheden. Hiervoor zijn diverse mogelijkheden zodat vrijwel zeker is dat er altijd goederen of personen zijn waar het geleende geld op kan worden verhaald.

Indien er zekerheden zijn bedongen, bestaat echter nog het risico dat een eventuele curator (in het geval van faillissement van de schuldenaar) deze zekerheden zal vernietigen. Deze zekerheden dienen daarom op de juiste wijze en op het juiste moment te worden verkregen door de geldschieter.

Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek over veilig financieren.
Uittenbogaart Advocatuur staat zowel zakelijke als particuliere huurders en verhuurders bij in huurgeschillen.

(ver)koop onderhandelingen
De (ver)koop van een woning, winkel of ander vastgoedobject wordt geregeld met een koopovereenkomst en later met een notariële leveringsakte. Voor koopovereenkomsten van woningen wordt veel gebruik gemaakt van standaardmodellen. In deze koopovereenkomst kunnen echter ook bijzondere onderwerpen met betrekking tot de verkoop en het object worden geregeld. Aangezien er vrijwel altijd bijzondere omstandigheden spelen, is het van belang om hierover duidelijke afspraken te maken.

Dwaling bedrog en onvoorziene omstandigheden
Na de (ver)koop kunnen gebreken aan het licht komen; gebreken die bij het sluiten van de koopovereenkomst niet bekend waren bij de koper. Bijvoorbeeld slijtage, lekkage en/of vochtplekken. Bij onduidelijke koopovereenkomsten is het dan de vraag wie er aansprakelijk is voor dergelijke zichtbare en/of onzichtbare gebreken Het gaat er bij het (ver)kopen van een huis om wat de koper mag verwachten en moet onderzoeken en wat de verkoper op dat moment weet en moet verklaren. De verkoper heeft een mededelingsplicht en de koper een onderzoeksplicht, de vraag is welke prevaleert in welk geval. Hier kunnen afspraken over gemaakt worden.

Huurdersopties
In een huurovereenkomst kunnen huurdersopties opgenomen worden. Dit houdt in dat alleen de huurder aan het einde van een bepaalde huurtermijn de huurovereenkomst op kan zeggen. Ook kan er gekozen worden voor een huurperiode van onbepaalde tijd. Het komt geregeld voor dat hier geschillen over ontstaan. De huurder heeft met deze opties immers een sterke positie, maar deze is niet absoluut. De huurder moet werkelijk en op tijd een actie inroepen, anders kan er geen beroep op de optie gedaan worden.

Huurbescherming
Huurders van een woning genieten huurbescherming. Op grond daarvan mogen zij bijvoorbeeld de woning blijven huren, ondanks verkoop van de woning door de eigenaar (koop breekt geen huur). Medehuurders hebben ook huurbescherming. Enkel bij hospitakamers kan de huur in de eerste 9 maanden zonder reden worden opgezegd door de verhuurder, of indien een tijdelijk huurcontract wordt gesloten, welke voldoet aan specifieke voorwaarden, of indien de woning is verhuurd op grond van de leegstandwet.

Ook in het geval van zakelijke verhuur kan sprake zijn van huurbescherming. Dit geldt met name in het geval van verhuur van een bedrijfspand voor kleine middenstanders zoals een bakker of kledingwinkel, waar de ondernemer afhankelijk is van een vaste klantenkring. Dit geldt echter weer niet als de huurovereenkomst twee jaar of korter duurt.

Ontruiming
Een vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming zal in de regel worden toegewezen indien er sprake is van een structurele huurachterstand van minimaal drie maanden of indien er andere factoren zijn die de ontruiming rechtvaardigen zoals een bepaalde mate van overlast. In andere gevallen zal ontruiming niet snel worden toegewezen, zeker niet indien het gaat om een woonruimte.

Prijswijzigingen
De huurprijs en huurverhoging van sociale-huurwoningen zijn gebonden aan een maximum. De maximum jaarlijkse huurverhoging ligt rond een aantal procent. Huurwoningen in de vrije sector kennen niet zulke maxima, er gelden in die sector minder regels voor de huurprijs. Het succesvol aan kunnen passen van de hoogte van de huur is daarom afhankelijk van hetgeen is overeengekomen en van een aantal objectieve omstandigheden.

Pacht
In het vastgoed worden geregeld nog pachtovereenkomsten gesloten. Pacht betekent eigenlijk de “huur van een bedrijf”, in plaats van enkel het verschaffen van het gebruik van een bedrijfsruimte. De verpachter (verhuurder) kan dan dus extra verplichtingen opleggen aan de pachter (huurder) zoals: het opleggen van een verplicht marketingconcept, het opleggen van een huishoudelijk reglement, het opleggen van de verplichting om bij een bepaalde leverancier (een bepaalde minimum hoeveelheid) in te kopen.

Let op: aangezien het vaak gaat om een bedrijfsruimte, bestaan er wel wettelijke huurregels waar niet van afgeweken kan worden. Bijvoorbeeld regels met betrekking tot de (wijziging) van de huurprijs en de huurtermijnen. Hiervan is bijvoorbeeld sprake als het om een café gaat, maar niet als het bijvoorbeeld om een bioscoop of theater gaat. Zo zal de pachter, indien hij voor een periode langer dan twee jaar pacht, recht hebben op een huurperiode van 2 x 5 jaar en kan hij na afloop van elke periode van vijf jaar aan de kantonrechter vaststelling van een nieuwe huurprijs vragen.

Onderhuur
Van onderhuur is sprake als de huurder van een woning aan iemand anders verhuurt. Hierbij is het onderscheid tussen verhuur van de hele woning en verhuur van een deel van de woning van belang. De onderhuurder van een zelfstandige huurruimte (een hele woning) heeft een sterker recht, als de hoofdhuur beëindigd wordt, dan de onderhuurder van een deel van de woning. Het is daarnaast belangrijk dat de verhuurder toestemming geeft voor het onderverhuren. De rechtspositie van een onderhuurder is om die reden van meerdere omstandigheden afhankelijk.

Indeplaatsstelling
Bij indeplaatsstelling gaan de rechten en plichten uit een huurovereenkomst over op de opvolgende huurder van de bedrijfsruimte. Een huurder die van zijn huurcontract af wil, kan een nieuwe huurder introduceren die het huurcontract wil overnemen. Er wordt bij indeplaatsstelling dus geen nieuw contract opgesteld met de nieuwe huurder, maar het oorspronkelijke huurcontract wordt voortgezet. Elke huurder van een middenstandsbedrijfsruimte heeft dit recht. De verhuurder hoeft hier echter niet zondermeer mee akkoord te gaan. Het kan daarom nuttig zijn om hier vooraf in de huurovereenkomst afspraken over te maken.

Appartementsrechten en Vereniging Van Eigenaars
Een appartementsrecht verdeelt een gebouw in ‘afzonderlijke’ woningen. Een appartementsrecht geeft de koper ervan eigenlijk twee rechten: de mede-eigendom van het gebouw en het gebruiksrecht van de woning.

Deze appartementsrechten ontstaan door het gebouw te splitsen in de splitsingsakte. Dit gebeurt in een notariële akte die ingeschreven wordt in de openbare registers. In de splitsingsakte worden de grenzen van de verschillende appartementen en de gemeenschappelijke ruimten duidelijk weergegeven.

Alle appartementseigenaren zijn automatisch lid van de vereniging van eigenaren (VvE). In het splitsingsreglement staat hoe de VvE vergadert en met hoeveel stemmen een besluit van de VvE goedgekeurd wordt. Ook wordt erin opgenomen welke uitgaven voor rekening van de appartementseigenaren tezamen komen. De VvE is verplicht een reservefonds aan te houden voor toekomstig onderhoud en reparaties aan het gebouw.

De VvE is dus verplicht een onderhoudsreserve op te bouwen. De beste manier om de juiste hoogte van deze reserve vast te stellen is door middel van een Meerjarig Onderhoudsplan. Hierin wordt opgenomen om welk bouwonderdeel het gaat, wanneer deze aan vervanging of herstel toe is en wat daar de kosten van zijn. Om geschillen te voorkomen is het van belang om heldere afspraken te maken ten aanzien van het beheer en onderhoud van het gebouw en om te werken binnen de toegestane kader van de wet, de splitsingsakte en het eventuele regelement.

Verkrijgende verjaring
De gebruiker van een onroerende goed kan na verloop van tijd en onder een aantal strikte voorwaarden eigenaar worden. Dit heet verkrijgende verjaring. Indien de gebruiker het goed te goeder trouw in bezit heeft, is hij na 10 jaar eigenaar en anders na 20 jaar. Aangezien de oorspronkelijke eigenaar op deze manier soms een zeer waardevol vermogensbestanddeel kan verliezen, kunnen hier veel geschillen over ontstaan.

Erfdienstbaarheden
Een erfdienstbaarheid is een recht dat gevestigd is op een onroerende zaak, bijvoorbeeld een stuk grond. Een voorbeeld hiervan is het recht van overpad: het recht om gebruik te maken van het erf van een ander. Erfdienstbaarheid is een zakelijk recht wat betekent dat het bijvoorbeeld na verkoop van het erf blijft bestaan. De nieuwe eigenaar moet dan dus dulden dat anderen gebruik maken van zijn erf. Een erfdienstbaarheid moet gevestigd worden door middel van een overeenkomst vastgelegd in een notariële akte en inschrijving daarvan in de openbare registers, maar een recht van erfdienstbaarheid kan ook door verjaring worden verkregen. Een recht van erfdienstbaarheid kan echter ook weer worden opgeheven door de rechter.

Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek over vastgoed.
Het arbeidsrecht heeft sterke wijzigingen ondergaan. Het eerste deel van de nieuwe wetgeving is van kracht geworden per 1 juli 2014 en het tweede deel per 1 juli 2015. Het is voor werkgevers van het grootste belang om op de hoogte te zijn van de nieuwe wetgeving zodat zij niet voor verrassingen komen te staan.

Concurrentiebeding
Vanaf 1 juli 2014 mag een concurrentiebeding niet meer worden opgenomen in contracten voor bepaalde tijd, tenzij een werkgever goed motiveert dat dit in verband met een zwaarwichtig belang noodzakelijk is. Bij een interim-bestuurder die voor vier jaar werkzaamheden zal verrichten voor een vennootschap, mag dus geen concurrentiebeding in de arbeidsovereenkomst worden opgenomen. Indien er toch een concurrentiebeding wordt opgenomen in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, is dit beding vernietigbaar.

In arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd mag wel een concurrentiebeding worden opgenomen. Dit dient dan wel goed te worden gemotiveerd anders is het beding alsnog vernietigbaar. Indien het concurrentiebeding goed is gemotiveerd, worden de belangen afgewogen en kan bijvoorbeeld het beding ook gedeeltelijk worden vernietigd, waardoor de werking ervan wordt beperkt.

Indien er sprake is van een geldig concurrentiebeding, dus een concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd dat goed is gemotiveerd, geldt dit ook in faillissement. Tot slot geldt dat concurrentiebedingen enkel in de arbeidsovereenkomst kunnen worden opgenomen en dus niet bijvoorbeeld in een CAO.

Werkgevers die in hun arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd een concurrentiebeding opnemen en daarnaar verwijzen in een opvolgend contract voor onbepaalde tijd, waarin dus in beginsel wel een concurrentiebeding mogelijk is, kunnen niet verwijzen naar het eerdere contract, aangezien het beding daarin niet geldig was en dus ook niet kan doorwerken in het opvolgende contract.

Proeftijd
Het nieuwe artikel 652 lid 4, bepaalt dat een proeftijd bij een contract van maximaal zes maanden nietig is. Bij een arbeidsovereenkomst van langer dan zes maanden (bijvoorbeeld zes maanden plus één dag) is een proeftijd op grond van dit artikel strikt genomen dus wel toegestaan. Artikel 652 lid 8 sub f bepaalt dat een proeftijd in het geval van een opvolgende arbeidsovereenkomst bij dezelfde werkgever nietig is, tenzij die opvolgende overeenkomst duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden van de werknemer eist dan de vorige overeenkomst.

Artikel 669 bepaalt dat er voor een ontslag in de proeftijd geen redelijke grond is vereist.

Een dergelijk ontslag kan mogelijk nog wel in strijd zijn met goed werkgeverschap (artikel 7:611).

Aanzeggingsplicht
Vanaf 1 juli 2014 dient een werkgever een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst aan te geven of een arbeidsovereenkomst van bepaalde tijd wel of niet wordt verlengd, tenzij het gaat om een arbeidsovereenkomst dat korter is dan zes maanden of in het geval een tijdelijk project betreft. Indien een werkgever verzuimt om aan deze “aanzeggingsverplichting” te voldoen, is de werkgever nog een maand loon verschuldigd.

Voor andere termijnen geldt een pro rata vergoeding. Wanneer een werkgever bijvoorbeeld twee weken te laat aangeeft of de arbeidsovereenkomst van bepaalde tijd wel of niet wordt verlengd, dient twee weken langer het loon te worden doorbetaald.

De aanzeggingsplicht geldt ook voor een werkgever die voornemens is om de overeenkomst te verlengen. Ook dit moet de werkgever dus aangeven. Ook indien een werkgever verzuimt om aan te geven dat de arbeidsovereenkomst zal worden verlengd, kan de werknemer een maand loon vorderen, maar die vordering vervalt na twee maanden. Hier zal in de praktijk echter niet snel een beroep op worden gedaan.

De ketenregeling
Op grond van de oude ketenregeling gold het principe “3x3x3”. Dit hield in dat werkgevers hun werknemers drie arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd mochten aanbieden, voor de maximale duur van drie jaar, waarna de vierde arbeidsovereenkomst had te gelden als een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Deze keten kon doorbroken worden door de werknemers drie maanden uit dienst te laten treden, waarna opnieuw drie arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd konden worden aangegaan.

Vanaf 1 juli 2015 geldt het principe “3x2x6”. Dit houdt in dat werkgevers hun werknemers drie arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd mogen aanbieden voor een maximale duur van twee jaar, waarbij de keten kan worden doorbroken door de werknemer zes maanden uit dienst te laten treden. Het is voor werkgevers dus lastiger om werknemers tijdelijk in dienst te houden.

Doorstarten na een faillissement zal op grond van de nieuwe regeling sneller problemen opleveren aangezien er dan sprake is van opvolgend werkgeverschap en er op grond van de nieuwe regeling sneller sprake is van een keten van drie arbeidsovereenkomst waarna de vierde heeft te gelden als een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Er kan bij CAO niet meer onbeperkt van de ketenregeling worden afgeweken in het nadeel van de werknemer. Bij CAO kan enkel de maximale termijn voor arbeidsovereenkomsten van bepaalde tijd van twee jaar worden verlengd naar vier jaar en kan het aantal arbeidsovereenkomsten van bepaalde tijd van drie worden vermeerderd tot zes. Kort gezegd kan een CAO de wettelijke regeling van 3x2x6 dus oprekken naar 6x4x6.

Overgangsregeling
De lopende arbeidsovereenkomsten worden gerespecteerd. Dit betekent dat een lopende derde arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd gewoon afloopt ook al geschiedt dit na 1 juli 2015. Er is dan dus in dat geval geen sprake van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, omdat de drie arbeidsovereenkomsten gezamenlijk meer dan twee jaar hebben geduurd.

Indien de CAO bepaalt dat de ketenregeling niet van toepassing is, kunnen er ook na 1 juli 2015 nog arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd worden gesloten tot maximaal een jaar, dus tot 1 juli 2016. Hierna is dit niet meer mogelijk.

Vaststellingsovereenkomst
Indien er ten behoeve van een beëindiging met wederzijds goedvinden een vaststellingsovereenkomst wordt opgesteld, dient daarin te worden opgenomen dat de werknemer binnen twee weken schriftelijk op de beëindiging kan terugkomen. Indien dit niet expliciet in de vaststellingsovereenkomst is opgenomen, wordt die termijn langer. Indien de werknemer van deze mogelijkheid gebruik maakt, kan hij daarna zes maanden niet opnieuw herroepen.

Werkgevers zouden een werknemer naar aanleiding van deze regeling drie overeenkomsten kunnen voorleggen:

de initiële vaststellingsovereenkomst;

de herroeping;

de nieuwe overeenkomst.

Hierna is de werkgever voor zes maanden van de werknemer af.

Afspiegelingsbeginsel
Bij CAO kan er worden afgeweken van het afspiegelingsbeginsel. Dit is echter enkel mogelijk indien er bij CAO een ontslagcommissie is ingesteld. Daarnaast dient deze commissie minimaal twee jaren rechtsbevoegdheid te hebben. Het is dus niet mogelijk om voor een bepaalde gelegenheid deze commissie in te stellen. Op grond van deze nieuwe regeling is het dus mogelijk dat werkgevers in de CAO opnemen dat voor hun niet het afspiegelingsbeginsel geldt, maar objectieve prestaties en dat zij een ontslagcommissie instellen.

Deze nieuwe regeling gaat mogelijk wel problemen opleveren in het geval van overgang van onderneming, wanneer bij diverse werkgevers verschillende regelingen gelden en verschillende voorwaarden. Indien er dan in de nieuwe onderneming een reorganisatie plaatsvindt, kan onduidelijk zijn voor welke werknemers welke regelingen gelden. Het is dan bijvoorbeeld mogelijk dat voor een bepaalde groep het afspiegelingsbeginsel geldt en er voor een andere groep naar prestaties wordt gekeken.

Hoger beroep en cassatie
Ondanks de aankondiging dat het nieuwe ontslagrecht zou voorzien in één ontslagroute, geldt dat er eigenlijk nog steeds sprake is van twee ontslagroutes.

Ten eerste kan de werkgever het UWV verzoeken om toestemming voor opzegging.

Het UWV kan zich in deze procedure voortaan niet meer verschuilen achter het ontslagbesluit, aangezien voortaan enkel het Burgerlijk Wetboek geldt. Indien het UWV haar toestemming verleent, kan de werknemer nog vernietiging van dit besluit vorderen bij de kantonrechter. Hierna is nog hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof en eventueel cassatieberoep bij de Hoge Raad. Indien het UWV het verzoek van de werkgever afwijst, kan de werkgever nog een ontbindingsprocedure starten bij de kantonrechter. Tegen deze uitspraak kunnen partijen in beroep bij het gerechtshof en eventueel in cassatieberoep bij de Hoge Raad.

De kantonrechter kan enkel ontbinden met inachtneming van een periode die gelijk is aan de opzegtermijn. Er geldt geen aparte norm voor de vergoeding, dus de kantonrechtersformule vervalt en de nieuwe transitievergoeding is het uitgangspunt.

Transitievergoeding
Vanaf 1 juli 2015 is de werkgever bij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst een transitievergoeding verschuldigd aan werknemers. De transitievergoeding geldt niet voor jongeren tot 18 jaar met een contract van twaalf uur of minder. Verder geldt het voor alle werknemers bij onvrijwillig en niet verwijtbaar ontslag. De transitievergoeding bedraagt 1/6 maandsalaris per zes maanden dienstverband voor de eerste tien dienstjaren, te rekenen vanaf minimaal twee jaar dienstverband of langer. Vanaf het tiende dienstjaar geldt een 1/4 maandsalaris per zes maanden, met een maximum van € 75.000,00 of één jaarsalaris indien dit hoger is. In een faillissement is de transitievergoeding niet verschuldigd. De ratio hierachter is dat in dat geval het UWV dit zou moeten betalen op grond van de loongarantieregeling.

Conclusie
Met inachtneming van voornoemde wijzingen dienen werkgevers zo snel mogelijk actief maatregelen te nemen. Zo dienen aanpassingen te worden aangebracht in de nieuwe arbeidsovereenkomsten die worden aangegaan. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de nieuwe regelingen omtrent de proeftijd en het concurrentiebeding.

Daarnaast dienen werkgevers te inventariseren waar hun werknemers zich bevinden binnen de ketenregeling zodat zij niet verrast worden door het feit dat hun werknemer op grond van de nieuwe regeling in vaste dienst blijkt te zijn getreden.

Ook dienen werkgevers zich bewust te zijn van hun aanzeggingsverplichting. Werkgevers dienen daarom kaart te brengen op welk moment de aanzeggingen voor de verschillende werknemers dienen plaats te vinden om loonvorderingen te voorkomen.

De mogelijkheid om af te wijken van de afspiegelingsregeling biedt belangrijke kansen voor werkgevers. Om deze kansen te kunnen benutten dient echter tijdig een ontslagcommissie te worden ingesteld zodat deze zo snel mogelijk voldoet aan de eis van het tweejarige bestaan.
Als bestuurder van een vennootschap bevindt u zich in een relatief kwetsbare positie. Bestuurders kunnen namelijk persoonlijk aansprakelijk zijn. Het gaat dan vaak om relatief grote bedragen waardoor een bestuurder in staat van faillissement kan raken en bijvoorbeeld zijn woning zal moeten verkopen. Het is daarom van groot belang om dit te voorkomen.

Hieronder zijn verschillende vormen van persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurders uiteengezet.

Interne aansprakelijkheid tegenover de vennootschap
Een bestuurder kan persoonlijk aansprakelijk zijn tegenover het bedrijf waar hij voor werkt, als hem een “ernstig verwijt” kan worden gemaakt. Dit kan ook nog na de uitdiensttreding en ondanks een decharge.

Aansprakelijkheid in geval van faillissement
Een bestuurder kan persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor het tekort in het faillissement als hij zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld én aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak van het faillissement is geweest.

Fiscale aansprakelijkheid
Als de bestuurder niet voldoet aan de meldplicht voor betalingsonmacht, wordt vermoed dat de vennootschap in de drie voorgaande jaren onbehoorlijk is bestuurd. De bestuurder is dan persoonlijk aansprakelijk voor de loonbelasting, omzetbelasting, milieuheffingen en/of accijnzen.

Aansprakelijkheid voor onjuiste inschrijving
Als een vennootschap niet op de juiste wijze is ingeschreven in het handelsregister, is een bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor alle rechtshandelingen van de vennootschap.

Aansprakelijkheid in geval van niet-volgestorte aandelen
Als de aandelen van de vennootschap niet zijn volgestort, is de bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor alle rechtshandelingen van de vennootschap. Dit brengt een groot risico voor bestuurders met zich mee aangezien bestuurders bijvoorbeeld veelal niet automatisch zullen controleren of de aandelen van de vennootschap wel zijn volgestort. Vaak zal een bestuurder immers in dienst treden bij een vennootschap die reeds een langere tijd bestaat (bijvoorbeeld 30 jaar). Soms is dan zelfs niet meer te achterhalen of de aandelen destijds zijn volgestort en dan is het de vraag wie dat moet bewijzen.

Aansprakelijkheid voor misleidende jaarrekening
Als de jaarrekening, tussentijdse cijfers of het jaarverslag een misleidende voorstelling van zaken geven van de toestand van de vennootschap, is de bestuurder tegenover derden zoals crediteuren, werknemers of aandeelhouders persoonlijk aansprakelijk als deze derden ten gevolge van de misleidende voorstelling van zaken schade lijden.

Strafrechtelijke aansprakelijkheid voor jaarrekeningen
Een bestuurder kan strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld als er een onjuiste jaarrekening is gepubliceerd.

Strafrechtelijke aansprakelijkheid voor delicten
Als de vennootschap een strafbaar feit heeft gepleegd (zoals een milieudelict) kan ook degene die hiervoor opdracht heeft gegeven strafrechtelijk worden vervolgd. Dit is vaak de bestuurder.

Aansprakelijkheid voor rechtshandelingen van een vennootschap “in oprichting”
De bestuurder van een vennootschap die nog niet volledig is opgericht is persoonlijk aansprakelijk voor deze rechtshandelingen totdat de vennootschap na haar oprichting de rechtshandelingen heeft bekrachtigd. Het is daarom van groot belang dat deze rechtshandelingen door de vennootschap allemaal worden bekrachtigd.

Aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad
De bestuurder van een vennootschap kan persoonlijk aansprakelijk worden gesteld als hij als bestuurder een onrechtmatige daad heeft begaan. Voor bestuurdersaansprakelijkheid geldt daar bovenop echter nog eens dat een bestuurder ook nog eens een “ernstig verwijt” moet kunnen worden gemaakt. Dit is dus een zwaardere maatstaf. Als iemand echter persoonlijk een zorgvuldigheidsnorm overschrijdt en daarnaast (toevallig) ook bestuurder is, geldt deze verzwaarde maatstaf niet en is een bestuurder dus eerder aansprakelijk.
De verschuiving van de detailhandel van fysieke winkels naar webshops heeft tot gevolg gehad dat onlangs de regelgeving voor webshops is aangescherpt om consumenten te beschermen. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) controleert in Nederland actief of webshops aan de wettelijke eisen voldoen en kan boetes opleggen indien niet aan de regels is voldaan (tot €450.000,– per overtreding). Ook kunnen consumenten een klacht indienen over webshops die zich niet aan de regels houden.

Europees recht
Op 13 juni 2014 is de Europese Consumentenrichtlijn in Nederland in werking getreden. Vanaf dat moment is de richtlijn geïmplementeerd in de Nederlandse wet door de inwerkingtreding van de Wet Consumentenrechten. Met deze richtlijn worden de regels voor koop op afstand binnen heel Europa op één lijn gesteld. De regels zien onder meer op alle overeenkomsten die tussen handelaren en consumenten worden gesloten op afstand (via internet en telefoon) en verkoop ‘buiten verkoopruimten’ (zoals colportage; verkoop aan deur etc.).

De Autoriteit Consument en Markt
In Nederland houdt de Autoriteit Consument en Markt (ACM) toezicht op de naleving van de nieuwe wetgeving. De ACM krijgt daarbij de bevoegdheid om boetes op te leggen indien een handelaar zich niet aan de wettelijke regels houdt. Deze boetes kunnen oplopen tot € 450.000,- per overtreding.

Consumenten
Ook consumenten kunnen de handelaren gaan aanspreken op naleving van de nieuwe wetgeving. Bij niet-juiste naleving hebben consumenten bovendien ook nog de mogelijkheid om de overeenkomst te ontbinden of te vernietigen en schadevergoeding te vorderen. Voor webshop-eigenaren is het daarom van het grootste belang dat zij aan de nieuwe wetgeving voldoen.

Inrichting van de webshop
Op grond van de nieuwe wetgeving dient een webshop aan een aantal specifieke voorwaarden te voldoen en op een bepaalde wijze te worden ingericht. Zoals gezegd heeft het verstrekkende (financiële) gevolgen voor de webshop-eigenaar indien niet strikt aan alle voorwaarden is voldaan.

Informatieverstrekking
De nieuwe Wet Consumentenrechten bepaalt dat consumenten over een aantal zaken geïnformeerd moeten worden voordat de overeenkomst tot stand komt. Dit betekent dat deze informatie tijdens het bestelproces op een duidelijke en begrijpelijke wijze verstrekt moet worden. Het enkele verwijzen naar de algemene voorwaarden met daarin de informatierechten zal niet voldoende zijn om aan de informatieplicht te voldoen.

Niet alleen moet de informatie op een juiste wijze voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst worden verstrekt (ofwel tijdens het bestelproces) maar deze informatie dient nogmaals op de juiste wijze te worden verstrekt aan de klant nádat de overeenkomst is gesloten.

Privacy regels
Tijdens het bestel- en afleverproces zal informatie over de klant worden verzameld. De klant dient op de juiste wijze geïnformeerd te wordende over de persoonsgegevens die verzameld worden en met welk doel dat gebeurt. Een webwinkel dient daarom een juiste privacypolis te hanteren.

Algemene voorwaarden
Indien er algemene voorwaarden worden gehanteerd (en dat is wel aan te raden) dienen deze op een juiste wijze van toepassing te worden verklaard en op juiste wijze ter hand te worden gesteld. Voor webshops gelden hier nog bijzondere en aanvullende regels. Indien de algemene voorwaarden niet op de juiste wijze van toepassing zijn verklaard en niet op de juiste wijze ter hand zijn gesteld kan de consument de algemene voorwaarden vernietigen en is hij of zij er niet aan gebonden.
Een veelvoud van typen overeenkomsten is voor het rechtsverkeer van belang. Denk hierbij bijvoorbeeld aan: koopovereenkomsten, arbeidsovereenkomsten, geldleningsovereenkomsten, VOF-overeenkomsten, borgtochtovereenkomsten, huur-/huurkoopovereenkomsten, overeenkomsten van opdracht, aannemingsovereenkomsten, managementovereenkomsten, vaststellingsovereenkomsten, aandeelhoudersovereenkomsten, overnamecontracten, lastgevingsovereenkomsten, pandakten enzovoort.

Bewijsfunctie
Het sluiten van de meeste overeenkomsten is vormvrij en kan dus zowel schriftelijk als mondeling. Het verdient bewijstechnisch echter de aanbeveling om schriftelijk overeenkomsten te sluiten. Helaas ontstaan er dan achteraf vaak alsnog discussies over de uitleg van de overeenkomst en de bedoeling van partijen. Het belang van een goed contract is daarom om deze discussies zoveel mogelijk te voorkomen.

Tekortkomingen
Er is sprake van wanprestatie als een partij zijn verplichting(en) uit een overeenkomst niet nakomt. De wederpartij kan dan nakoming vorderen en kan recht hebben op schadevergoeding voor het nadeel dat hij door de wanprestatie heeft geleden. Als nakoming niet (meer) mogelijk is kan de wederpartij de overeenkomst ontbinden en kan er ook schadevergoeding gevorderd worden. Indien een partij tekort schiet in de nakoming van een overeenkomst, kun je soms al in de overeenkomst zelf opnemen wat daar het gevolg van is. Dit scheelt weer discussie.

Precontractuele fase
Soms voeren partijen zeer verregaande onderhandelingen zonder dat de daadwerkelijke overeenkomst nog is gesloten. In sommige gevallen kunnen partijen aan deze onderhandelingen toch enige rechten ontlenen. Ook hier kun je echter weer afwijkende afspraken over maken en dat is dus soms aan te raden.

Boeteclausules
Een boeteclausule in een overeenkomst kan een extra prikkel tot nakoming vormen. Aan de andere kant kan hiermee ook een soort gefixeerde schadevergoeding mee worden overeengekomen. Dit houdt in dat in het geval van tekortkoming sowieso de boete verschuldigd is en de wederpartij dan niet hoeft te bewijzen hoeveel zijn schade precies is. Dat kan nuttig zijn omdat het langdurige discussies over de hoogte van de schade kan voorkomen.

Neem contact op voor advies over contracten en voorkom daarmee kostbare en onnodige geschillen.
Het intellectuele eigendomsrecht is de verzamelnaam voor rechten op intellectuele creaties zoals merken, vormgeving, muziek en uitvindingen. Het intellectuele eigendomsrecht beschermt uw intellectuele creaties.

Auteursrecht
Het auteursrecht geeft de maker van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst het uitsluitend recht het openbaar te maken en het te verveelvoudigen. Derden mogen dit niet zonder toestemming van de maker doen. Het auteursrecht duurt tot 70 jaar na de dood van de maker. Soms is het echter mogelijk een werk langer te beschermen door het te deponeren als merk. Hierover is in de literatuur echter wat discussie.

Merkenrecht
Een merk is een teken waarmee een onderneming zijn producten of dienstverlening onderscheidt van die van andere ondernemingen. In tegenstelling tot het auteursrecht, moet een merk geregistreerd zijn om bescherming te kunnen genieten.

Niet elke naam of elk teken kan geregistreerd worden als merk. Merken moeten voldoende onderscheidend zijn en mogen niet misleidend zijn. Een handelsnaam kan vastgelegd worden als merk.

Het merkenrecht vervalt als het meer dan vijf jaar niet gebruikt wordt, ook als het geregistreerd is.

Handelsnaamrecht
Onder handelsnaam wordt verstaan de naam waaronder een onderneming wordt gedreven. Een onderneming mag niet een handelsnaam voeren die al eerder door een andere onderneming gevoerd werd en als er bij het publiek verwarring tussen de twee ondernemingen kan bestaan. Daarbij is het van belang wat de aard van de onderneming en het gebied waar deze gevestigd is. Bijvoorbeeld een slager met de naam Jansen uit Groningen en een slager met de Jansen uit Eindhoven is geen probleem. Beide ondernemingen heten weliswaar hetzelfde, maar ze opereren in een ander gebied waardoor er geen verwarring bij het publiek tussen de ondernemingen mogelijk is.

IT-recht
Ten behoeve van de levering van hardware en software(licenties), dienen contracten te worden opgesteld met bepalingen over het auteursrecht, de omvang van het gebruiksrecht en overdraagbaarheid, garanties en aansprakelijkheid. Ten behoeve van de levering van IT-diensten kan een service level agreement (SLA) worden opgesteld waarin is opgenomen waar de dienst minimaal aan moet voldoen. Hierbij is het onder andere van belang of het horizontale of verticale software betreft en of het gaat om standaardprogramma’s of maatwerkprogramma’s.

Neem contact op voor hulp bij het sluiten van IE- of IT contracten of voor hulp bij de beslechting van geschillen.
Particulieren
Ontslag
In tijden van economisch slechte omstandigheden kan het voorkomen dat een werkgever personeel wenst te ontslaan. In veel gevallen wordt simpelweg een beëindigingsvoorstel voorgelegd en krijgt de werknemer de keuze tussen accepteren of procederen. Soms geeft een werkgever ook een (onterecht) ontslag op staande voet en stelt dat daar een dringende reden voor zou zijn. In beide gevallen is het van groot belang om professioneel advies in te winnen omdat u bij een verkeerde aanpak uw recht op een uitkering zou kunnen verliezen. Daarnaast dienen uiteraard ook uw andere rechten te worden bewaakt.

Ontslagvergoeding
Indien uw werkgever een beëindigingsvoorstel doet, wordt vaak de transitievergoeding als beëindigingsvergoeding voorgesteld. Vaak valt er echter een substatieel hoger bedrag uit te onderhandelen.

Opzegtermijn
Het is van groot belang dat de juiste opzegtermijn wordt gehanteerd. Dit dient te worden gecontroleerd aan de hand van de wet, uw arbeidsovereenkomst en een eventueel toepasselijke cao. Indien de verkeerde opzegtermijn wordt gehanteerd, loopt u namelijk het risico dat u enige tijd geen uitkering ontvangt.

Concurrentiebeding
Sommige arbeidsovereenkomsten bevatten een zogenaamd concurrentiebeding en/ of relatiebeding. Bij het beëindigen van de arbeidsovereenkomst dient deze wel op de juiste wijze buiten toepassing te worden verklaard anders bent u uw baan kwijt en kunt u bovendien lastig ergens anders aan de slag.

Contact
Neem contact op met Uittenbogaart Advocatuur, laat uw rechtspositie vaststellen en beperk daarmee de kans op onaangename verrassingen en zorg dat uw risico’s zijn afgedekt en dat u weet waar u aan toe bent.
Financiële problemen
Heeft u financiële problemen? Heeft u diverse pogingen ondernomen om een oplossing te vinden maar blijft de situaties uitzichtloos? Dat biedt de Wettelijke Schuldsaneringsregeling Natuurlijk Personen (WSNP) u een mogelijkheid om met een schone lei te beginnen. U dient hiervoor echter drie jaar flink de broekriem aan te halen, maar het is de enige kans om opnieuw te beginnen.

Te goeder trouw
Om in aanmerking te komen voor de WSNP, moeten de schulden te goeder trouw zijn ontstaan. Dat betekent dat u geen schulden mag hebben omdat u bijvoorbeeld iemand heeft opgelicht of omdat u een lening heeft afgesloten terwijl u eigenlijk wist (of kon weten) dat u deze lening niet zou kunnen terugbetalen of indien u teveel spullen heeft gekocht in (webshops) op krediet. Pas indien de schulden te goeder trouw zijn ontstaan, komt u voor de wettelijke schuldsaneringsregeling in aanmerking.

Gemeente of advocaat
U kunt toetreden tot de WSNP met behulp van de gemeente of met behulp van een advocaat. Bij de gemeente is het gratis, maar dient u rekening te houden met een termijn van 1 tot 2 jaar voordat het traject met de gemeente is doorlopen voordat u eindelijk in de WSNP terecht komt, en daarna moet u nog tenminste drie jaar voordat u een schone lei krijgt. Het is daarom van groot belang om zo snel mogelijk toegelaten te worden tot de WSNP. Bij Uittenbogaart Advocatuur kunt u binnen een aanzienlijk kortere termijn toetreden, soms al na twee á drie maanden.

Contact
Neem contact op met Uittenbogaart Advocatuur en werk aan uw toekomst perspectief.
Geen garantie
Soms komt het voor dat uw nieuw product anders blijkt te zijn dan u mocht verwachten, bijvoorbeeld omdat het niet goed werkt of omdat het er anders uitziet. Vaak wordt dit dan netjes door de verkoper opgelost, maar soms krijgt u te horen dat u geen garantie heeft op het product. Met auto’s komt dit soms voor. De verkoper weigert u dan verder te helpen en om uw geld terug te geven. Dit is echter niet altijd terecht.

Consumentenrecht
Indien een verkoper aangeeft dat u geen garantie heeft (soms staat dit zelfs op de aankoopnota) dan gelden er nog steeds wettelijke regels waar de verkoper zich aan moet houden. Als de koper een particulier is en de verkoper een bedrijf, en het gekochte product is anders dan de koper mocht verwachten, heeft de koper tóch een soort garantie. De verkoper moet het product dan namelijk gratis herstellen of omruilen en als hij dat weigert mag de koper de koopovereenkomst ontbinden en zijn geld terugvragen (of vorderen indien nodig).

Contact
Neem contact op met Uittenbogaart Advocatuur, en laat beoordelen of u misschien toch aanspraak kunt maken op herstel of vervanging van uw product of (desnoods) de koopovereenkomst kunt ontbinden.
De bouw of verbouw van woningen, aanbouwen, garages, dakkapellen etc. zijn vaak zeer kostbaar. Het is daarom extra vervelend dat het regelmatig voorkomt dat de werkzaamheden niet naar volle tevredenheid worden uitgevoerd, of dat er tijdens de bouw, of achteraf, problemen ontstaan. Dit kan soms zelfs tot gevolg hebben dat een woning enige tijd niet bruikbaar is en de bewoners tijdelijk hun onderkomen moeten zoeken bij familieleden of in een hotel. Hieronder zijn de verschillende aandachtspunten voor bouwwerkzaamheden weergegeven.

De aannemingsovereenkomst
Het sluiten van een overeenkomst is vormvrij. Het kan dus mondeling of schriftelijk. Een opdracht tot het uitvoeren van schilderwerkzaamheden of het aanleggen van een tuinpad gaat vaak mondeling, maar in het geval van grote bouwwerken is het aan te raden om een schriftelijke aannemingsovereenkomst te sluiten waarin de afspraken exact zijn vastgelegd op een manier waarop er later geen discussie kan ontstaan. Het komt immers regelmatig voor dat achteraf of tijdens de werkzaamheden discussie ontstaat tussen een aannemer en een opdrachtgever over de gebruikte materialen of afmetingen etc.

Directievoerder
Sommige mensen huren een eigen directievoerder in. Dit kan bijvoorbeeld een architect zijn die toezicht houdt op de aannemers tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Mensen realiseren zich echter niet dat ze hiermee een grotere aansprakelijkheid naar zich toehalen. De aannemer kan immers stellen dat hij onder toezicht van de directievoerder zijn werkzaamheden heeft uitgevoerd en dat die maar had moeten klagen als er iets niet klopte. In dat geval kan het dus voordeliger zijn om geen eigen directievoerder in te huren, maar alle verantwoordelijkheid bij de aannemer te laten.

Vergunningen
Het is van groot belang dat u van te voren over de juiste vergunningen beschikt anders kunnen de bevoegde autoriteiten vorderen dat de kostbare aanbouw weer wordt afgebroken. Soms worden hierover geen duidelijk afspraken gemaakt met de aannemer of zegt een aannemer dat er geen vergunning nodig is terwijl dit achteraf wel het geval blijkt te zijn.

Bouwtijd
Vaak spreken mensen met de aannemer een bepaalde bouwtijd af. Het is echter ook mogelijk om een boete af te spreken voor het geval de bouwtijd wordt overschreden. Hiermee wordt voorkomen dat er een onredelijke vertraging ontstaat zonder dat de opdrachtgever daar voor wordt gecompenseerd.

Meerwerk
Op “meerwerk” is het verdienmodel van veel aannemers gebaseerd. Dit houdt in dat er tijdens de werkzaamheden wordt gevraagd of er nog aanvullende wensen zijn. Een aannemer is verplicht de opdrachtgever te informeren over de eventuele extra kosten die hiermee gepaard gaan, maar hierover kan later altijd discussie ontstaan. Het is daarom van het grootste belang om discussie op dit punt op de juiste wijze te voorkomen. Er zijn immers voorbeelden waarbij uiteindelijk veel méér afgerekend moest worden dan de overeengekomen aanneemsom, op basis van meerwerk.

Oplevering
Vanaf het moment van de oplevering gaan alle risico’s van het werk van de aannemer over naar de opdrachtgever. Dit is dus de laatste mogelijkheid om nog opmerkingen te maken over het werk.

Failliete aannemer
U kunt te maken krijgen met een aannemer die halverwege de werkzaamheden failliet gaat. In sommige gevallen is de opdrachtgever een deel of de gehele aanneemsom al kwijt en blijft met een grote schadepost achter én een onafgebouwd project. Er zijn echter verschillende manieren om dit risico te beperken of te voorkomen.

Contact
Neem contact op met Uittenbogaart Advocatuur, laat uw rechtspositie vaststellen en beperk daarmee de kans op onaangename verrassingen en zorg dat uw risico’s zijn afgedekt.
Huur of niet
Soms is er twijfel of er sprake is van een huurovereenkomst. Een overeenkomst sluiten is vormvrij, dus kan ook mondeling. Een huurovereenkomst is een overeenkomst waarbij een ruimte, of een deel daarvan ter beschikking wordt gesteld in ruil voor een tegenprestatie (dat hoeft dus geen geld te zijn). Indien er sprake is van een huurovereenkomst gelden er diverse wettelijke bepalingen waar rekening mee gehouden dient te worden.

Huurbescherming
Een belangrijke wettelijke bepaling is dat de huurder van woonruime een verregaande huurbescherming heeft. De huurovereenkomst kan dus niet zomaar worden beëindigd, zelfs niet als dat schriftelijk is afgesproken, en de huurder zich bedenkt. De huurbescherming kan slechts in een aantal gevallen worden beperkt: wanneer er sprake is van een “naar zijn aard” tijdelijke huurovereenkomst of indien de woning wordt verhuurd met een vergunning van de gemeente op basis van de leegstandswet of indien het gaat om een hospitawoning en dan enkel de eerste negen maanden.

Het verbod op onderverhuur (via Airbnb) en andere plichten van de huurder
Als huurder heb je ook plichten. In het bijzonder is onderverhuur vaak uitgesloten in de huurovereenkomst. Tegenwoordig worden veel woningen verhuurd aan toeristen via de website Airbnb. Huurders lopen daarmee echter wel het risico om hun woning kwijt te raken als onderverhuur niet is toegestaan. Daarnaast dient een huurder natuurlijk huur te betalen en zich verder als een “goed huurder” te gedragen. Een huurder mag dus geen onevenredige hoeveelheid (geluids-)overlast veroorzaken.

Koop breekt geen huur
Soms wenst de eigenaar van een woning de huur op te zeggen omdat hij de woning onverhuurd wenst te verkopen omdat de woning dan meer oplevert. Dit is echter zonder toestemming van de huurder niet mogelijk.

Bemiddelingskosten
Het komt regelmatig voor dat de huurder ten onrechte bemiddelingskosten betaalt makelaars. Indien dit het geval is, kunt u dit geld terugvorderen. U kunt laten controleren of u hier recht op heeft.

Huurgenot
Een verhuurder is verplicht huurgenot te verschaffen. De verhuurder dient dus te zorgen dat de woning goed is onderhouden zodat bijvoorbeeld het dak niet lekt. Indien de woning gebreken heeft, kan de huurder van de verhuurder verlangen dat de gebreken worden hersteld. Indien de verhuurder dit niet doet, kan de huurder de betaling van de huur (deels) opschorten tot de herstelwerkzaamheden gereed zijn.

Contact
Neem contact op met Uittenbogaart Advocatuur indien u vragen heeft over huur of verhuur of laat uw huurcontract controleren of een contract voor verhuur opstellen zodat u weet waar u aan toe bent.
Diverse verzekeringen
Mensen hebben tegenwoordig diverse soorten verzekeringen zoals een zorgverzekering, een inboedelverzekering, een levensverzekering, een opstalverzekering, een WA-verzekering, een arbeidsongeschiktheidsverzekering, een reisverzekering, een autoverzekering enzovoort. Vaak gaat alles goed zolang de premie wordt betaald en er niets wordt geclaimd.

Problemen met de claim
Zodra er aanspraak wordt gemaakt op een verzekering geeft een verzekeraar vaak niet thuis. Indien het gaat om kleine claims, wordt soepel betaalt omdat de verzekeraar hiermee haar hoge “serviceniveau” wil onderstrepen. Indien het echter gaat om een forse claim, wordt er een team van juristen op de zaak gezet om te kijken of er manieren zijn om te voorkomen dat de verzekeraar de schade moet uitkeren.

Polisvoorwaarden
De polisvoorwaarden van uw verzekering bevatten de spelregels. Deze zijn vrijwel altijd opgesteld door de grootste advocatenkantoren van Nederland en bij een goede bestudering ervan kunt u vaak tot de conclusie komen dat in vrij weinig gevallen de (volledige) schade wordt vergoed. Er zijn echter altijd grensgevallen en gevallen waarin onduidelijkheid bestaat of de schade is gedekt of niet. Dit kan in het voordeel van de verzekerde uitvallen.

Verjaring
Let op! Op grond van artikel 7:942 BW geldt sinds 2006 een kortere verjaringstermijn (drie jaar) dan de standaardverjaringstermijn van vijf jaar. Dit betekent dat u tijdig moet claimen indien u vermoedt dat u schade heeft. Dit is namelijk niet altijd direct bekend.

Zwarte lijst
Verzekeraars en banken hanteren een lijst waarop personen staan die ooit hebben geprobeerd om een verzekeringsmaatschappij of een bank te slim af te zijn. Het kan bijvoorbeeld gebeuren dat uw dure spiegelreflexcamera op vakantie in het zwembad valt en dat u een reisverzekering heeft. Vijf weken na thuiskomt wordt de schade geclaimd. De verzekeraar wijst de claim dan vervolgens (uiteraard) af en verwijst naar een van de piepkleine regeltjes in de polisvoorwaarden waarin staat dat de schade binnen een maand na thuiskomst geclaimd had moeten worden. Het is nu dus te laat. Een half jaar later gaat u opnieuw op vakantie. Twee dagen na thuiskomt probeert u de camera opnieuw te claimen, dit keer dus binnen een maand. De verzekeraar stelt vast dat opnieuw dezelfde camera met hetzelfde typenummer en dezelfde (water)schade geclaimd wordt en wijst de claim daarom weer af. Daarnaast zegt de verzekeraar dan de verzekeringsovereenkomst op en plaatst u op een zwarte lijst. Alle banken en verzekeringsmaatschappijen controleren deze lijst zodat niemand u meer accepteert voor een verzekering of hypotheek etc. Dat is een groot probleem. Er valt echter slechts in weinig gevallen iets aan te doen. Houdt u daar dus rekening mee.

Contact
Neem contact op met Uittenbogaart Advocatuur indien u vragen heeft over uw verzekering of afgewezen claim.
Het burenrecht omvat diverse onderwerpen. Over een aantal denkbare onderwerpen en typen geschillen is hieronder kort iets opgenomen.

VVE
Veel huizenbezitters hebben een appartementsrecht in een groter gebouw zoals een appartementencomplex of een flat. Deze eigenaren zijn in dat geval ook altijd verplicht lid van een vereniging van eigenaren en dienen maandelijks servicekosten af te dragen aan de vereniging ten behoeve van het onderhoud van de gemeenschappelijke ruimten. Conflicten binnen een VVE (bijvoorbeeld over de hoogte van servicekosten of over al dan niet gewenst onderhoud) zijn vaak extra vervelend vanwege het grote aantal betrokkenen en het daarmee samenhangende aantal meningen. Een goed gestructureerd beheer is daarom van groot belang.

Overpad en andere erfdienstbaarheden
Op veel percelen rust een recht van overpad of andere erfdienstbaarheden ten behoeve van de buren. Soms gaat het om een oud recht dat kadastraal is vastgelegd, maar soms gaat het om een feitelijke situatie, waarin de eigenaar van het ene perceel geregeld gebruik maakt van het perceel van een ander. Na verloop van tijd kan deze gewoonte echter een onomkeerbaar recht worden en dat is niet altijd gewenst.

Overlast
In het burenrecht zijn verschillende vormen van overlast denkbaar zoals geluidsoverlast, overlast van hemelwater van de buren, overlast van overhangende takken etc. Voor ieder type overlast bestaan verschillende mogelijkheden om het geschil te beslechten.

Erfgrens
Het komt geregeld voor dat de eigenaar van het ene perceel de erfafscheiding (per ongeluk) plaatst op het perceel van een ander en daarmee als het ware de grond van de ander “inpikt”. Soms gebeurt dit te goeder trouw, maar soms ook te kwader trouw. In beide gevallen kan deze nieuwe situatie na verloop van tijd veranderen in een rechtsgeldige situatie.

Contact
Indien u een vraag heeft over het burenrecht of mogelijke oplossingen voor uw problemen, kunt u gratis contact opnemen met Uittenbogaart Advocatuur.
De koop of verkoop van een woning is vaak één van de grootste juridische gebeurtenissen in het leven. Je wilt daarom dat er niets misgaat. Kopers willen kopen wat zij voor ogen hebben en verkopers willen zich na de verkoop van hun oude huis volledig kunnen richten op hun nieuwe huis. Helaas komt men maar al te vaak voor onaangename verrassingen te staan. Het is daarom van groot belang om de risico’s bij de aankoop of de verkoop van een woning zoveel mogelijk te beperken.

Hieronder zijn verschillende risico’s uiteengezet die de aanschaf of verkoop van een woning met zich mee kunnen brengen.

Standaard NVM Koopcontracten
De Nederlandse Vereniging van Makelaars (de NVM) gebruikt altijd standaard koopovereenkomsten. In deze koopovereenkomsten kan vaak een keuze worden gemaakt uit verschillende opties. De keuze voor een bepaalde optie heeft echter verstrekkende gevolgen. Zie voor een voorbeeld het kopje “verontreiniging”.

Beslag op de woning
Het kan voorkomen dat op een woning beslag is gelegd door een schuldeiser van de verkoper. Ook is het mogelijk dat er ná het ondertekenen van de koopovereenkomst, maar vóór de levering bij de notaris alsnog beslag wordt gelegd op de woning.

Handelingsonbevoegde verkoper
Soms is een verkoper niet bevoegd de woning te verkopen, omdat hij of zij bijvoorbeeld toestemming nodig heeft van zijn of haar partner. Er bestaat dan het risico dat deze partner dan geen toestemming geeft.

Financieringsvoorwaarden
Vaak wordt een koopovereenkomst gesloten “onder voorbehoud van financiering”. Regelmatig komt het echter voor dat de voorwaarden hieromtrent niet duidelijk zijn en de verkoper aanspraak maakt op een contractuele boete indien de koper de financiering niet rond krijgt. Deze boete bedraagt vaak een percentage van de totale koopsom en kan dus flink oplopen.

Verontreiniging
Regelmatig komt het voor dat een woning asbest of een ondergrondse tank bevat of dat er sprake is van andere (bodem) verontreiniging. In de standaard NVM koopovereenkomst kan worden gekozen voor de optie: “Aan de verkoper is niet bekend dat in de onroerende zaak asbest is verwerkt." Dit biedt de koper echter geen enkele zekerheid dat er ook daadwerkelijk geen asbest in de woning is verwerkt. De verkoper heeft dan immers enkel verklaard “dat hij dat niet weet”. Als er (bijvoorbeeld tijdens een verbouwing) tóch asbest aanwezig blijkt te zijn, zal de koper moeten bewijzen dat de verkoper dit wist.

Saneringsverplichting
Het is mogelijk dat de bodem bij een woning is verontreinigd en dat de gemeente een beschikking of een bevel heeft afgegeven op grond waarvan de bodem gesaneerd dient te worden. De vervuilde grond dient dan te worden afgegraven en te worden vervangen door schone grond. De kosten hiervoor zijn aanzienlijk.

Bestemmingsplan
Het kan voorkomen dat een woning met mooi uitzicht is gelegen in een gebied dat onderhevig is aan ingrijpende veranderingen, zoals de aanleg van een snelweg, spoorlijn of de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk of industrieterrein.

Monument
Sommige woningen zijn door de gemeente of de provincie aangemerkt als monument. Het is dan niet mogelijk om de woning te (ingrijpend) verbouwen of om de woning in elke gewenste kleur te schilderen.

Huur
Huurders hebben op grond van de wet verregaande huurbescherming. Indien er een verhuurde woning wordt gekocht, dient daar rekening mee gehouden te worden. Indien de koper de woning koopt in verhuurde staat, als beleggingspand, kan het ook zijn dat een huurder aan de oude eigenaar alvast (bijvoorbeeld) een jaar vooruit heeft betaald en er dus voorlopig nog geen recht op huurpenningen bestaat.

Gebreken
In een woning kunnen allerlei verborgen gebreken aanwezig zijn zoals lekkages, houtworm, betonrot enzovoort. Het is belangrijk dat partijen vastleggen wat er gebeurt als zoiets wordt ontdekt.

Contact
Verklein de kans op vervelende verrassingen en laat de aankoop of verkoop van uw woning juridisch begeleiden door Uittenbogaart Advocatuur met de woningcheck.
Helaas zijn veel beleggers de afgelopen jaren geconfronteerd met forse verliezen op de aandelenmarkt. In veel gevallen hadden gedupeerden hun geld belegd in aandelen. Veel banken bieden daarbij hun diensten aan als vermogensbeheerder of beleggingsadviseur en moesten hun klanten informeren dat de koersen waren gedaald en een groot deel van het vermogen van de klant was verdampt. Er kan echter soms recht bestaan op vergoeding van deze schade indien een vermogensbeheerder of beleggingsadviseur zijn waarschuwingsplicht of zorgplicht heeft geschonden.

Vermogensbeheer of beleggingsadvies
In het geval van vermogensbeheer zal de betreffende beheerder sneller aansprakelijk zijn dan in het geval van beleggingsadvies. In het geval van advies, beslist de belegger namelijk uiteindelijk altijd zelf over de strategische koers die hij wenst te varen. Een vermogensbeheerder, beheert vaak zelfstandig het vermogen van zijn klanten en is daarmee eindverantwoordelijke.

Pensioenvoorziening
Indien het belegde vermogen een pensioenvoorziening betreft, is een vermogensbeheerder sneller aansprakelijk tegenover zijn klant dan wanneer het gaat om durfkapitaal van de betreffende belegger. De vermogensbeheerder moet dus rekening houden met dit onderscheid en moet veiligere keuzes maken indien hij weet dat het belegde vermogen het pensioen van zijn klant betreft en hij moet dan voor een defensieve beleggingsstrategie kiezen. Indien hij dit niet heeft gedaan is hij sneller aansprakelijk voor eventuele schade van de belegger.

Spreiding
Voldoende spreiding van het belegde vermogen speelt ook een belangrijke rol bij de beoordeling van de mate van aansprakelijkheid van een vermogensbeheerder. Indien sprake was van onvoldoende spreiding kan de beleggingsstrategie als te risicovol worden beoordeeld. Er is ook geen sprake van spreiding indien er is belegd in diverse subfondsen welke sterk met elkaar vervlochten zijn.

Klachtplicht en rechtsverwerking
Vermogensbeheerders en beleggingsadviseurs zullen vrijwel altijd aanvoeren dat de gedupeerde geen schadevergoeding meer kan eisen, omdat hij te laat geklaagd heeft. Een gedupeerde belegger dient daarom tijdig te klagen over de tekortkoming van zijn vermogensbeheerder om nog aanspraak te kunnen maken op schadevergoeding. Het moment waarop de verjaringstermijn begint te lopen is echter per geval verschillend.

Contact
Voor een gratis beoordeling van uw kans op schadevergoeding kunt u contact opnemen met Uittenbogaart Advocatuur.
Als echtgenoten besluiten te scheiden dient een echtscheidingsverzoek te worden ingediend bij de rechtbank. Indien partijen het met elkaar eens zijn en geen kinderen hebben, geen eigen woning, geen aanspraak maken op alimentatie, dan kan de echtscheiding vrij eenvoudig worden uitgesproken, soms zelfs zonder dat de partijen naar rechtbank hoeven. Vaak zijn er echter meer zaken die goed geregeld dienen te worden.

Gemeenschap van goederen
Als men is gehuwd in gemeenschap van goederen zijn zij ieder gerechtigd tot de helft van het huwelijksvermogen. Alle goederen dienen dan evenredig verdeeld te worden tussen partijen, of de waarde daarvan.

Huwelijksvoorwaarden
Ook indien men is gehuwd onder huwelijksvoorwaarden moet men soms nog goederen verdelen. Dat is dan echter afhankelijk van hetgeen in de huwelijksvoorwaarden is opgenomen. Het komt bijvoorbeeld regelmatig voor dat men huwelijksvoorwaarden heeft laten opstellen, maar dat toch meer verdeeld dient te worden dan men had verwacht. Soms is er in de huwelijksvoorwaarden bijvoorbeeld een zogenaamd “periodiek verrekenbeding” opgenomen. Indien er dan gedurende het huwelijk nimmer inkomsten zijn verrekend, dient dit achteraf alsnog te gebeuren.

Woning en hypotheek
Indien partijen een eigen woning hebben, wordt vaak besloten de woning te verkopen of dat een van de twee in de woning blijft wonen. In dergelijke gevallen zal vaak worden besloten de eventuele overwaarde of de eventuele restschuld te verdelen. Ook hier kunnen complicaties optreden. Bijvoorbeeld indien een van de twee bij de aanschaf van de woning méér eigen geld had geïnvesteerd dan de ander en er nu sprake is van een (aanzienlijke) overwaarde.

Indien er sprake is van een restschuld terwijl een van de twee in de woning blijft wonen, is het van belang dat de vertrekkende partij ook niet langer tegenover de bank hoofdelijk aansprakelijk is als medeschuldenaar ten aanzien van de hypothecaire geldlening.

Gezag en omgang
Indien er sprake is van kinderen, dient met het echtscheidingsverzoek een ouderschapsplan ingediend te worden met afspraken over de omgang en (de kosten voor) de verzorging van de kinderen. Soms kiezen ouders ook voor co-ouderschap waarbij ieder 50% van de kosten en verzorging op zich neemt. Dit moet echter wel praktisch uitvoerbaar zijn.

Alimentatie
Er bestaan twee soorten alimentatie: partneralimentatie en kinderalimentatie. De alimentatieberekening geschiedt aan de hand van de berekening van de behoefte enerzijds en aan de hand van de draagkracht anderzijds. Aangezien deze behoefte en draagkracht van beide partijen nogal eens wijzigt, geeft dit onderwerp vaak aanleiding tot (nieuwe) geschillen.